HelderSparen.nl

Inkomstenbelasting Box 1: belastingschijven en tarieven

De schijven van 2026:

  • Tot €38.883: 35,75%
  • €38.883 – €78.426: 37,56%
  • Boven €78.426: 49,50%

Al je inkomen uit werk en woning valt in Box 1 en wordt belast via drie oplopende schijven. Dit artikel zet de tarieven voor 2026 op een rij en legt uit wat je marginale tarief betekent.

De drie schijven in 2026

De eerste schijf loopt tot €38.883 tegen 35,75%, de tweede schijf tot €78.426 tegen 37,56%, en alles daarboven valt in de derde schijf tegen 49,50%. Deze tarieven zijn inclusief premies volksverzekeringen voor de eerste twee schijven.

Wat is je marginale tarief?

Je marginale tarief is het percentage dat je betaalt over de laatst verdiende euro — dus het tarief van de schijf waarin je huidige inkomen valt. Dit verschilt van je gemiddelde tarief, dat lager ligt omdat een deel van je inkomen tegen de lagere eerste schijf wordt belast. Dit is relevant bij bijvoorbeeld een loonsverhoging of extra inkomsten als zzp'er. Zie ook zzp-belasting: ondernemersaftrek en zelfstandigenaftrek.

Rekenvoorbeeld: belasting over €50.000

Stel je verdient €50.000 bruto per jaar. De eerste €38.883 wordt belast tegen 35,75% (€13.900), en het resterende bedrag van €11.117 (tot €50.000) tegen 37,56% (€4.176). In totaal betaal je dan ongeveer €18.076 aan inkomstenbelasting vóór verrekening van je heffingskortingen — zie algemene heffingskorting en arbeidskorting. Je gemiddelde tarief in dit voorbeeld ligt dus duidelijk lager dan je marginale tarief van 37,56%.

Waarom de schijfgrenzen elk jaar verschuiven

De schijfgrenzen van €38.883 en €78.426 worden jaarlijks geïndexeerd met de inflatie. Dit voorkomt dat je door een reguliere, inflatiegelijke loonsverhoging automatisch in een hogere schijf terechtkomt — een effect dat ook wel 'bracket creep' wordt genoemd. Check daarom elk jaar de actuele bedragen voordat je je netto loon berekent. Meer over je totale netto inkomen lees je in de hoofdgids over netto loon en loonheffing.

Rekenvoorbeeld: belasting over €25.000

Verdien je €25.000 bruto per jaar, dan valt je volledige inkomen binnen de eerste schijf van 35,75%. Je betaalt dan €8.937,50 aan loonheffing vóór verrekening van je heffingskortingen. Omdat je hele inkomen tegen hetzelfde tarief wordt belast, zijn je marginale en gemiddelde tarief in dit geval gelijk aan elkaar.

Na aftrek van de volledige algemene heffingskorting en een substantieel deel van de arbeidskorting houd je bij dit inkomen netto aanzienlijk meer over dan het schijventarief alleen zou doen vermoeden.

Rekenvoorbeeld: belasting over €90.000

Bij een bruto jaarsalaris van €90.000 krijg je te maken met alle drie de schijven. Over de eerste €38.883 betaal je 35,75% (€13.900), over het deel tot €78.426 betaal je 37,56% (€14.850), en over de resterende €11.574 betaal je 49,50% (€5.729).

Totaalbedrag en gemiddeld tarief

Samen komt dit neer op circa €34.479 aan inkomstenbelasting vóór verrekening van je heffingskortingen, wat neerkomt op een gemiddeld tarief van ruim 38%. Dit ligt duidelijk onder je marginale tarief van 49,50%, omdat alleen het deel boven €78.426 tegen dat hoogste percentage wordt belast.

Hoe heffingskortingen je belastingdruk verlagen

De bedragen in bovenstaande rekenvoorbeelden zijn de belasting vóór toepassing van de algemene heffingskorting en arbeidskorting. Deze kortingen verlagen het daadwerkelijk te betalen bedrag, al bouwen ze bij hogere inkomens grotendeels of volledig af.

Bij een inkomen van €90.000 is de arbeidskorting al vrijwel volledig afgebouwd, waardoor het voordeel van de heffingskortingen relatief klein is ten opzichte van de totale belastingdruk. Bij lagere inkomens, zoals in het voorbeeld van €25.000, maken de kortingen juist een veel groter deel van je netto voordeel uit.

Overzicht: belasting per inkomensniveau

Onderstaande tabel vat de drie rekenvoorbeelden uit dit artikel samen, inclusief het gemiddelde tarief vóór verrekening van de heffingskortingen.

Bruto jaarinkomenBelasting vóór kortingenGemiddeld tariefMarginaal tarief
€25.000€8.937,5035,75%35,75%
€50.000€18.07636,15%37,56%
€90.000€34.47938,31%49,50%

Deze tabel illustreert duidelijk het progressieve karakter van Box 1: hoe hoger je inkomen, hoe groter het verschil tussen je gemiddelde en je marginale tarief. Houd hiermee rekening bij het inschatten van het netto effect van een loonsverhoging of bonus.

Box 1 ten opzichte van Box 2 en Box 3

Naast Box 1 kent de Nederlandse inkomstenbelasting nog twee andere boxen. Box 2 belast inkomen uit een aanmerkelijk belang, bijvoorbeeld als directeur-grootaandeelhouder van een eigen bv, tegen een eigen tarief dat losstaat van de Box 1-schijven.

Box 3 belast je vermogen, zoals spaargeld en beleggingen, volgens een geheel andere systematiek met een vrijstelling en een forfaitair rendement. Je kunt dus tegelijk inkomen in Box 1 én vermogen in Box 3 hebben: beide worden afzonderlijk berekend en vervolgens samengeteld tot je totale verschuldigde inkomstenbelasting.

Voor de meeste werknemers in loondienst is alleen Box 1 relevant, omdat zij geen aanmerkelijk belang in een bv hebben. Spaar je daarnaast geld of beleg je, dan krijg je ook met Box 3 te maken, bovenop de inkomstenbelasting die je al via je loonheffing in Box 1 betaalt.

Artikel delen:

Lees verder over hoe deze schijven je netto loon beïnvloeden.

Veelgestelde vragen over Box 1

Antwoorden op de meest gestelde vragen over de belastingschijven in Box 1.

Inkomen tot €38.883 wordt belast tegen 35,75%, inkomen tussen €38.883 en €78.426 tegen 37,56%, en inkomen daarboven tegen 49,50%.