De fiscale behandeling van zakelijk spaargeld verschilt sterk tussen een eenmanszaak en een bv. Dit artikel zet de belangrijkste verschillen op een rij.
Zakelijk vermogen als zzp'er
Als zzp'er wordt je zakelijke spaargeld meegeteld binnen Box 3, samen met je overige vermogen, na aftrek van het heffingsvrije bedrag.
Dit betekent dat een zzp'er met zowel zakelijke als privéreserves al snel boven het heffingsvrije vermogen kan uitkomen, ook al voelt het zakelijke deel apart aan van het privévermogen.
Vermogen binnen een bv
Spaargeld dat binnen een bv blijft staan, valt onder de vennootschapsbelasting en dus niet onder Box 3. Dit kan bij grotere vermogens een fiscaal voordeel opleveren. Meer over privévermogen lees je in de hoofdgids over Box 3 en sparen.
Het tarief van de vennootschapsbelasting kent doorgaans een schijvenstructuur, waarbij een lager tarief geldt tot een bepaalde winstgrens en een hoger tarief daarboven. Voor spaarrente binnen een bv geldt meestal het lage tarief, omdat de winst hierop beperkt is.
Rekenvoorbeeld: €100.000 reserves aanhouden
Houd je als zzp'er €100.000 aan bedrijfsreserves aan boven je heffingsvrije vermogen, dan telt dit volledig mee in Box 3 tegen het beleggingsforfait, ook als het geld simpelweg op een zakelijke spaarrekening staat. Zet je ditzelfde bedrag om in een bv, dan betaal je in plaats daarvan vennootschapsbelasting over de daadwerkelijke rente-inkomsten, wat bij een lage spaarrente vaak voordeliger uitpakt.
Dividend uitkeren: van bv naar privé
Wil je op enig moment geld uit de bv naar privé overhevelen, dan gebeurt dit meestal via een dividenduitkering, waarover aanmerkelijkbelangbelasting verschuldigd is. Zodra het geld privé staat, valt het weer onder Box 3. Een bv is daarom vooral interessant als je vermogen langdurig binnen de onderneming wilt laten groeien in plaats van het snel uit te keren.
Reken bij een eventuele uitkering altijd beide heffingen samen door: de vennootschapsbelasting binnen de bv én de belasting bij uitkering naar privé. Pas dan weet je of het per saldo voordeliger is geweest dan vermogen direct in privé aan te houden.
Wat is een zakelijke spaarrekening?
Een zakelijke spaarrekening werkt grotendeels hetzelfde als een reguliere spaarrekening, maar staat op naam van je onderneming of bv. Vergelijk ook hier verschillende aanbieders, net als bij reguliere spaarrekeningen, al liggen de rentes bij zakelijke varianten soms iets lager.
Let bij een zakelijke spaarrekening ook op eventuele kosten per transactie of een minimumsaldo, die bij privérekeningen minder vaak voorkomen. Vraag bij twijfel na bij de bank welke voorwaarden specifiek voor zakelijke klanten gelden.
Wanneer loont een bv fiscaal?
Een bv wordt doorgaans pas interessant vanaf een bepaald niveau van winst en opgebouwde reserves, omdat de vaste kosten van een bv (oprichting, jaarrekening, administratie) bij kleine bedragen niet opwegen tegen het fiscale voordeel op de spaarrente.
Bouw je echter structureel grote reserves op die je niet direct nodig hebt in privé, dan kan het verschil tussen vennootschapsbelasting en Box 3-heffing over meerdere jaren aanzienlijk oplopen. Laat een dergelijke afweging altijd doorrekenen door een adviseur die jouw volledige situatie kent, inclusief de regels rond het heffingsvrije vermogen.
Reserveren voor je pensioen als zzp'er
Als zzp'er bouw je geen pensioen op via een werkgever, waardoor veel zelfstandigen zelf vermogen opzij zetten voor later. Spaar je dit geld simpelweg op een gewone zakelijke of privérekening, dan telt dit gewoon mee als Box 3-vermogen, na aftrek van het heffingsvrije bedrag.
Een alternatief is sparen of beleggen via een fiscaal gefaciliteerde regeling zoals een lijfrente, waarbij de premie onder voorwaarden aftrekbaar is van je inkomen en het opgebouwde kapitaal pas bij uitkering wordt belast. Dit kan gunstiger uitpakken dan gewoon sparen op een zakelijke rekening, maar is minder flexibel omdat het kapitaal vastzit tot de uitkeringsdatum.
Vergelijk daarom bij een groter bedrag altijd de voor- en nadelen van vrij beschikbaar zakelijk sparen tegenover een fiscaal gefaciliteerde oudedagsvoorziening, en houd daarbij ook rekening met je behoefte aan flexibiliteit op kortere termijn.
Bouw je zowel een buffer voor onvoorziene bedrijfskosten als een reserve voor later op, overweeg dan om beide doelen financieel te scheiden: een vrij opneembaar deel voor acute liquiditeit en een apart, minder toegankelijk deel voor je oudedagsvoorziening.
Evalueer deze verdeling jaarlijks opnieuw, zeker als je winst of je persoonlijke situatie verandert, zodat je zakelijke buffer en je oudedagsvoorziening in balans blijven met je actuele behoeften.